Hoe verloopt een behandeling met implantaten?

Voor de behandeling ontvangt u enkele formulieren en recepten. De formulieren zijn zogenaamde informatie- en toestemmingsformulieren. U wordt geïnformeerd over de behandeling en geeft uw toestemming voor de ingreep door middel van het plaatsen van uw handtekening. Ook krijgt u een recept voor pijnstillers en mondspoelmiddel. U haalt de benodigde medicijnen bij uw apotheek. Enkele uren voor de ingreep neemt u een pijnstiller in. De implantoloog brengt de implantaten in. Eerst krijgt u een plaatselijke verdoving. Daarna wordt het tandvlees op de plek waar het implantaat moet komen losgemaakt, zodat het kaakbot zichtbaar wordt. Dan wordt een gaatje in het kaakbot geboord. Daarin wordt het implantaat geschroefd. Het tandvlees wordt vervolgens gehecht. Als u meer dan één implantaat nodig heeft, worden deze vrijwel altijd tijdens dezelfde behandeling ingebracht.

1

Het bepalen van de plaats waar het implantaat moet worden ingebracht.

2

Het openen van het tandvlees om bij het kaakbot te komen.

3

Er wordt een gaatje geboord in het kaakbot.

4

Het implantaat wordt in het geboorde gat geplaatst.

5

Het tandvlees wordt gesloten en gehecht, het implantaat moet nu vast gaan groeien.

Twee manieren om een implantaat in te brengen

Het plaatsen van een implantaat kan op 2 manieren gebeuren. Bij de eerste manier is het implantaat zichtbaar in de mond (steekt door het tandvlees heen) De arts hoeft bij het aanbrengen van de kroon, brug of prothese het tandvlees niet meer open te maken. Bij de tweede manier wordt het implantaat na het inbrengen helemaal onder het tandvlees opgesloten. Deze aanpak bezorgt minder napijn. Bovendien is er minder kans op infectie. Binnen onze praktijk wordt daarom meestal voor deze methode gekozen. Het tandvlees wordt bij het aanbrengen van de kroon, brug of prothese opnieuw opengemaakt.

Na het inbrengen
De ervaringen met de behandelingen zijn wisselend. Het bot zelf is gevoelloos, maar het tandvlees kan enigszins pijnlijk zijn. Daarvoor heeft de arts u ook een pijnstillend middel voorgeschreven. Vaak is het verstandig gedurende één of twee weken na het aanbrengen van de implantaten uw voeding aan te passen. Onze arts zal dit met u overleggen. Drie tot zes maanden na het inbrengen is de implantaat stevig in het bot verankerd. U mag het implantaat in deze periode niet belasten. Een tijdelijk geplaatste voorziening waarborgt de kauwfunctie en de esthetiek zoveel mogelijk. Nadat het implantaat of de implantaten in het kaakbot zijn vastgegroeid, plaatst de tandarts hierop de kroon, brug of prothese. Hij neemt daarvoor onder plaatselijke verdoving eerst een heel klein stukje van het tandvlees boven het implantaat weg.

6

Het implantaat is vastgegroeid, dus kan het worden vrij gelegd.

7

De kroon wordt geplaatst op het implantaat.